Toen de artsen meedeelden dat er geen sprake meer was van vruchtwater, maar enkel van meconium, vonden zij het de hoogste tijd om de geboorte in te leiden. Moeder Ursula slaakte enkele woeste kreten en zoals papa Ubbo later vertelde werd Laart aan zijn baard naar buiten getrokken. Hij kon tevens praten en voerde het hoogste woord. De ouders hadden daarom hoge verwachtingen.
Toen hij een jaar of drie was, deden ze verstoppertje in het bos. Ubbo kon Laart nergens vinden. Twee dagen later vond hij hem achter een boom. Laart zag er totaal verwilderd uit. Hij droeg een kabouterpakje, had puntoren en een zwart gat in zijn baard. Het is nog steeds een raadsel hoe Laart deze metamorfose heeft ondergaan. Laart praat inwaarts, dat wil zeggen, hij praat terwijl hij inademt.
In het Laartpaleis woont ook de Huurbroeder, door Laart steevast Addo Grabbo genoemd. Hij is de persoonlijke verzorger van Laart. Voorheen deed hij zware arbeid in de haven en toen Laart hem daar op een dag het aanbod deed of hij bediende wilde worden in zijn paleis, leek hem dat wel wat. Nu zit hij middels een merkwaardig contract tot voorgoed verbonden aan deze taak. In feite is hij maar iets ouder, maar het verzorgen van Laart vergt zoveel energie dat hij al grijs en verrimpeld is.
Stuur door
Dit is niet OK